Tag archieven: Querido

Lotta Blokker – IJsvogel

Lotta Blokker IJsvogel recensie en informatie over de inhoud van de eerste roman van de Nederlandse schrijfster en beeldhouwer. Op 29 oktober 2024 verschijnt bij Uitgeverij Querido de debuutroman van Lotta Blokker. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster en over de uitgave.

Lotta Blokker IJsvogel recensie van Tim Donker

Indringend, is dat het woord? Of is het ontwapenend en warm en overweldigend en liefdevol en zacht en aanraakbaar? Hoe de blik te heten, hoe de glimlach, hoe het hoofd en hoe het gekanteld is, hoe het haar hoe de hand hoe de pols. En wie kan ik zeggen dat gebeld heeft?

Ik heb nog geen woord gelezen in IJsvogel. Voorwaar. Geen woord zeg ik u. Ik zit met de voorste zijflap (de voorflap?) uitgevouwen stoelgenageld stil in de hoek van de kamer waar het meubel staat waarin ik mijn lezen doe. Het is de foto, die me bevriest in de tijd. De auteursfoto. Lotta Blokker blijft geen moment stil in die foto zitten, het is de mooiste foto ooit van een mens gemaakt, het is een foto die een mens doet voelen of de schrijfster tegenover je zit, aanwezig in de ruimte.

Iemand die zo mooi op foto’s staat moet wel mooi schrijven denk ik. Dat moet. Dat moet. Dat moet. Iemand die al dat hele kleine rechthoekje foto uitspatten weet, hoe moet dat gaan als zij die persoonlijkheid vrijelijk uitsmeert over een kleine tweehonderd bladzijden? Dat kan toch niet anders dan weeral een allermooiste boek allertijden worden?

Dacht ik.
Dacht ik toch.
Dacht ik allemaal.

En in eerste word ik bepaaldelijk niet teleurgesteld. Een persoon wordt wakker op ergens een strand, niet wetende hoe hij (zij?) daar gekomen is. Gaan slapen in het eigen bed, en dan dat ontwaken in het zand. Geen bed, geen nachtkast, geen idee. Alleen maar zand, en meeuwen, en zee, en later, lopen. Omdat er ergens wel mensen zullen zijn, en er vandaaruit wel een terugkeer naar het gekende mogelijk zal zijn.

De eigenlijke roman moet dan nog beginnen maar in mij woedt reeds de honger naar meer. Dan doe je iets goed.

IJsvogel bestaat uit drie delen. Vanuit zijn huis, doorheen het met spiegelfolie beplakte raam, filmt een man stiekem een moeder en haar jonge dochtertje die elke dag komen spelen op het pleintje tegenover zijn woning; hij gaat op onderzoek uit wanneer ze na een door hem maar half waargenomen dramaties moment niet meer verschijnen. Een vader vol met droefnis en vragen zoekt naar antwoorden omtrent de dood van zijn tienerzoon. En een beeldhouwster en een in een bronsgieterij werkzame, getrouwde man dansen de gekende aantrekken/afstoten-dans met elkaar op het ritme van verlangen, vrees, lust en liefde.

Ja de liefde mensen, de liefde.

De hartstochtelijke liefde
De verboden liefde.
En natuurlijk ook: de onmogelijke liefde.

Kan men uit het dikke hout van gefnuikte liefdes een rechte roman timmeren?

Nee. Ja. Misschien. Ik weet het niet.

Er kan veel gezegd worden over liefdes waar barsten in groeien. Is niet elk verlangen per definitie onvervulbaar? Zodra het vervuld wordt, immers, houdt het op een verlangen te zijn. Een liefde waar je niks (meer) mee kan, is dierhalve misschien ook wel de puurste vorm van liefde. Ze bestaat alleen, als liefde op zich, staat niet onder invloed van dagdagelijksheden – de tijd heeft er geen vat op. Zo ga je zeggen, zo ga je spreken over deze en over andere gedachten hierover, en kun je uitkomen op een gloedvol essay, een muzikale dichtbundel, een somber memoir, een dystopiese toekomstroman.

Of je schrijft een boek over de onvermoede gezichten die liefde dragen kan. Kan een mens houden van een moeder en een dochter die hem nog nooit hebben gezien en die hij zelf alleen via de lens doorheen spiegelfolie waargenomen heeft? Blokker maakt dit bizarre gegeven geloofwaardig. Kun je ooit de eindeloze diepte voelen van de pijn van een vader die zijn zoon om hem onbekende redenen ten grave heeft moeten dragen? Blokker onderneemt een overtuigende poging. En als de schrijfster zeggen wil dat liefde nooit echt tot blijvende bloei kan komen, heeft ze me al half en half in haar hoek.

Helaas worden er veel te veel bladzijden vuil gemaakt aan de oninteressantste pijler van IJsvogel: meer dan de helft beslaat die affaire die nooit echt een affaire wordt. Lieke en Vincent. Niet alleen is hun verhaal niet echt boeiend, het zijn ook nog eens de meest bloedeloze karakters van deze roman. Lieke, de beeldhouwster, neemt het ruimste vertellersstandpunt in. Dat het volgens Blokkers intentie is dat ik die Lieke een ongelooflijke trezebees vind, waag ik te betwijfelen. Maar ik vind het wel. Want Lieke praat uitsluitend in nietszeggende platitudes, ze vindt het ongelooflijk grappig als iemands haar in de fik staat, en ze beleeft haar liefde voor Vincent op de puberaalst mogelijke manier. Als ze zich plotsklaps uitkleedt tijdens een gesprek met hem dat weliswaar op een hotelkamer plaatsvindt maar verder op geen enkele manier erotiserend is, is ze niet alleen gekwetst als Vincent niet op deze “subtiele” verleidingspoging ingaat (dat zou nog enigszins te begrijpen zijn); het ontkiemt in haar ook een verschrikkelijke haat die maakt dat ze Vincent bijkans dood wenst. Ook de wijze waarop ze het object van haar liefde waarneemt, is ronduit afgezaagd. Natuurlijk heeft Vincent brede schouders en stevige billen jajaja, het zal ook eens een schriel gastje zijn of een verslonsde vijftiger met een bierbuik. Verdermeer voldoet Vincent zo overduidelijk aan de eisen van de “ideale man” dat het bijna parodiërend overkomt. Sportief? Ja natuurlijk. Zelfverzekerd? Ja natuurlijk. Krachtige persoonlijkheid? Ja natuurlijk. Attent? Ja natuurlijk. Evenwichtig & open & eerlijk? Ja natuurlijk. Moet ik lachen moet ik treuren moet ik Lieke kunnen begrijpen? Dat laatste maakt Blokker me echt wel heel erg moeilijk want zelfs Liekes sexuele verlangens hebben iets potsierlijks: “Ze wil hem aandachtig pijpen totdat ze wordt beloond met zijn sperma, dat ze niet vluchtig door zal slikken om ervan af te zijn, maar over haar tong zal laten rollen als een ervaren wijnproever.” Wat moet hieruit spreken, Blokker? Passie, lust, geilheid? Ik voel niks dan humor. Hoe goed zijn sex en humor te combineren, ik nie weet nie, ik in ieder geval nooit moest lach nie zo hard nie tot ik er een stijve van kreeg nie, maar om deze pijppassage moest ik toch wel even lachen, een vluchtige grijns toen ik in bad lag en dit las (hee dus ik was alvast bloot blokker) en me geheel momenteelderlijk afvroeg hoe een niet-ervaren wijnproever sperma over zijn tong zou laten rollen (en dan zwijg ik nog maar even over dat “aandachtig” pijpen en dat “beloond” worden met sperma).

Of de stemmen in Liekes hoofd. De stemmen die haar aan- of juist afraden toe te geven aan haar gevoelens. Blokker (of Lieke?) vergelijkt die stemmen met een debat in de twede kamer. Dat vond ik een nogal truttige vergelijking, maar als er later nog een keer wordt teruggegrepen naar deze vergelijking wordt truttigheid pijnlijk.

Enige verlichting biedt een perspectiefwisseling. Blokker draagt Liekes vertellerschap over aan Vincent, en almeteens relativeert dat zijn perfectie. Helaas is daarvoor klaarblijkelijk per se een andere flauwiteit nodig: die van de echtgenote die exact en tot na de komma weet wat er in haar echtgenoot omgaat waar de echtgenoot nog niet het flauwste benul heeft van het gevoelsleven van zijn echtgenote (want ware empathie is het monopolie van vrouwen). In ieder geval blijkt die rukker van een Vincent niet altijd zo perfect te zijn als hij volgens Lieke is, en daarmee biedt Blokker een welkome relativering die al een eerste vraag opwerpt over hoe liefde werkt, en dat brengt me terug.

Terug tot waar dit boek volgens mij over gaat.

Want.

Er is waar het boek over gaat. Of waar je denkt waar het boek over gaat. En er is hoe het gebracht wordt. En er is hoe al die dingen met elkaar, of tegen elkaar in werken.

Veel van IJsvogel, zeker in het eerste deel, wordt via terugblikken medegedeeld. Dat is. Dat heet. Iedere gedachtegang, ieder gevoel, iedere bevinding (van Lieke over Vincent van Vincent over Lieke) wordt “gestaafd” dan wel “verduidelijkt” door terug te grijpen naar iets wat eerder gebeurde. Dit teruggrijpen naar allerlei gebeurtenissen die voor de hedenlijn plaatsvonden, gebeurt zó maniakaal dat de lezer af en toe kwijt is waar hij zich ook alweer in dat heden bevond. Bewust gezaaide verwarring of gemakzuchtige schrijverij? Ik twijfel. Luister, ik sprak ooit die vent, het ging over een ander boek, en ik had het over de moeite die ik had met het boek. De meeste verhaalfiguren waren me uitermate onsympathiek, maar ik had het idee dat de schrijver ze niet nadrukkelijk onsympathiek had willen neerzetten. Mijn gesprekspartner was de stellige mening toegedaan dat wanneer personages vervelend overkwamen bij de lezer, dit zeker zo gewild moest zijn. Langs deze lijnen zou de overdaad van herinneringen in IJsvogel niet alleen maar een gemakzuchtige literaire ingreep zijn om de lezer in korte tijd van de voorgeschiedenis op de hoogte te brengen maar evenzeer een verwarringveroorzakend stijlmiddel. Ik waag het echter te denken dat die verwarring een positief bij-effekt is van Blokkers ongerijpte schrijfstijl.

Antipathie, inderdaad. Ook hier. En ook hier niet beoogd, lijkt mij. Hoe kan het anders dat Lieke doorheen de ogen van de zwaar verliefde Vincent me nog erger gaat tegenstaan dan ze daarvoor al deed? Zijn liefde zou haar toch juist een engelken gelijk laten zweven? En kom me niet aan met het argument dat Vincent niets met die liefde kan aanvangen en hij haar daarom onbewust een wat lelijker mens maakt om de frustratie die het oplevert alvast wat te temperen; diergelijke kouwe grond gepsikologizeer is hier niet aan de orde. Want wellicht lajen Vincents gevoelens voor Lieke pas goed op als hij haar ziet optreden in een talkshow. Het gesprek gaat over een lompe museumdirekteur die zijn autoriteit met harde hand kracht bij zet, daarbij links en rechts mensen om niks ontslaand waardoor hij uiteindelijk in diverse media in een zeer negatief daglicht is komen te staan. Lieke kent deze museumdirekteur persoonlijk en draagt hem een warm hart toe; ze wil de camera gebruiken om een lans voor hem te breken. Om te illustreren hoezeer zijn werkwijze in dienst staat van het museum en erop gericht is het beste uit zichzelf en uit zijn medewerkers te halen, begint Lieke over haar lievelingsfilm; een rolprent van je tiepiese diktatoriale Stanley Kubrick-achtige regisseur die met zijn aan het bizarre grenzende veeleisendheid zijn akteurs -en vooral zijn aktrises- tot wanhoop drijft. In een bepaalde scene eiste de regisseur van een aktrise dat ze het snot van het gezicht van haar tegenspeelster likte, wat zij begrijpelijkerwijs vreselijk had gevonden. Volgens Lieke moest die aktrise niet zeiken, snot likken levert immers een prachtscene op voor een memorabele film. De presentatriese  vraagt Lieke: “Dus jij had haar snot gelikt?”, waarop Lieke reageert met: “Ik zou de stront van haar reet hebben gelikt. Alles voor de kunst.”

En het begon nog wel goed. In deze doorgewookte tijden staat op ieder vermoeden van temperament een levenslange straf. Onder de noemer “grensoverschrijdend gedrag” moet een ieder die niet braaf, zedig, lief, beleefd en voornaam is maar voor eeuwig in duistere kerkers verdwijnen om nooit meer gezien te hoeven worden. Dat hiermee het ene regime gewoonweg voor het ander ingeruild wordt ontgaat de wokers blijkbaar; enig tegengeluid is daarom af en toe niet ongewenst. Maar een klootzak mag je wel een klootzak noemen, en kunst -met of zonder hoofdletter- hoeft geen ekskuus te zijn om alles maar te laten gebeuren.

Anders dan Vincent vind ik Liekes laatstgesieteerde uitspraak niet gewaagd, of opwindend, of vurig, of van innemende directheid. Ik vind het bot en dom en daarenboven van een bijna lachwekkende obligaatheid. Ik wil er nog overheen stappen dat film volgens mij eerder met goedkoop divertissement dan met kunst te maken heeft, ik weet heel goed dat dit maar mijn hoogstpersoonlijke mening is; de term “kunst” verwijst naar een afbakenbare categorie en is geen kwaliteitszegel. Als iets stompzinnig, voorspelbaar of oppervlakkig is, houdt het niet daarom op “kunst” te zijn; er bestaat ook slechte kunst. Maar film is in ieder geval een kunstvorm waarbij het “materiaal” waarover de maker beschikt bestaat uit mensen. De regisseur heeft niet het gemak dat schrijvers of schilders hebben. Inkt en verf hebben geen gevoel. Je kan afgrijselijke dingen schilderen of schrijven; de inkt en de verf zullen niet klagen. Maar mensen hebben grenzen en alle recht om die aan te geven. Een regisseur kan wel van alles willen, het zijn de akteurs en aktrises die het moeten uitvoeren en daarbij hoeven ze zichzelf niet kwijt te raken alleen maar omdat de regisseur de film zo en niet anders voor ogen heeft. Dat kunst lijden betekent en offers eist is zo’n ontzettend afgezaagd standpunt dat het al bijna niet meer voor spot vatbaar is, maar dat zulke offers in het oerhollandse, uit de klei getrokken platbrein klaarblijkelijk steeds weer neerkomen op stront, is bedroevend. Hoe moet ik dit zien door Vincents ogen? Moet ik nu snappen hoe iemand gesjarmeerd kan zijn door die vrijgevochten dame die daar op televisie praat over poep op haar tong? Wat heeft Blokker willen bereiken met deze scene? Dat ik alleen maar minder begrip krijg over Vincents liefde voor Lieke omdat ik haar steeds afstotelijker ga vinden kan toch niet de bedoeling zijn geweest?

En al die kliesjees, waren die de bedoeling? Het is waarschijnlijk een onmogelijkheid om 188 bladzijden vol te schijven en niet al eens een keer een platgetreden paadje in te slaan. Niemand kan afgesleten termen geheel en al vermijden. Kijk even een paar regels terug om je ervan te vergewissen dat ik het zoëven  nog over een “rolprent” had, ik zeg maar wat (of “vergewissen”, ik zeg maar wat) (of “ik zeg maar wat”, ik zeg maar wat). Maar bij Blokker stroomt het kliesjees, de een al afschuwelijker dan de ander. Lachspieren. Linea recta. Gespot (in de zin van “gezien”, dus niet dat er met iets gelachen is, vind ik dat zoon afgrijselijk lelijk woord). De stoute schoenen aantrekken (ja jezus ik verzin dit niet, dat staat er gewoon echt). Een bovenlijf dat “gezegend” is met borsthaar. Ogen die over een interieur “glijden”. Een kastanjebruine haardos. Aanstalten maken. Een rijkelijk gevulde fruitschaal. Gefocust. Aanstormend talent. Een “beeldschone vrouw met perfect geföhnde haren en zorgvuldig aangebrachte make-up” die “de eer heeft” zich te “nestelen” in Vincents okselhaar. Een fotogenieke ijdeltuit. Mak als een lammetje. Moment suprême. Iemand een opsteker geven. Een kleur die “matcht”. Jongensachtige ruigheid. Cancelcultuur. Het nieuws halen. Aanschuiven bij een talkshow. Er naturel uitzien. Kneiterhard. Ergens over sparren. Stinkend jaloers zijn. Gunfactor. Showen. Spruit (en dan niet de groente, maar iemands kind). Ergens op hinten. Rijtuig (als synoniem voor auto). Gepaste afstand. Ergens voor gaan. Een romig lichaam. Content (nee niet bedoeld als “tevreden”). Een pro.

Of dat het woord pik me veel te vaak voor komt, nogal eens voorafgegaan door het bijvoeglijk naamwoord “harde”.

Of. “De inhoud van de lades gaan ook mee.” De inhoud gaan. Had een redacteur daar nu niet iets aan kunnen doen?

Dat zwakke taalgebruik. Dat amateuristiese schrijven. De lelijkheid, zelfs. Die druipt. Die van de bladzijden druipt, uit het boek, een vies plasje vormend op mijn broek (ja hee vanmorgen schoon aangetrokken zeg!). En dan toch.

Toch?

Ja toch. Toch is er een en dan toch.

Want ik blijf lezen. Toch blijf je lezen? Ja toch blijf ik lezen, met die vieze vlek op mijn broek. En de koffie koud in mijn kop. Want toch is er een en dan toch.

Er is iets. Er is iets achter dit. Er schemert wat doorheen dit zeikverhaal over die stomme Lieke en die stomme Vincent. Iets van liefde, ja uiteraard iets van liefde, en hoe liefde dan maar kruipt waar het niet gaan kan, ja natuurlijk iets van hoe liefde kruipt waar het niet gaan kan. Meer nog. Dat iemand maar tegen je aan staat te mekkeren terwijl je naar een hele moje seedee probeert te luisteren. Iets als dat. Alsof de schrijfster zichzelf overstemt. Ja zoiets.

Hoeveel mojer kan het klinken als de muziek vrij mag komen.

In de twede pijler van de roman zingt er een tragischer liefde. Erik wordt verpletterd door verdriet. Zijn tienerzoon Thijs is onder onduidelijke omstandigheden overleden; we komen het ook niet te weten, Erik niet en de lezer niet, al krijgt het vermoeden dat het om zelfmoord gaat wel steeds meer grond. Blokker slaat op deze pagina een veel ingetogener, verstilder toon aan en gaat van lieverlee ook fraksies minder kliesjeematig schrijven. Thijs verschijnt in Eriks herinneringen als een zachtmoedige, intelligente, enigszins eenzame jongen en Erik was er voor hem, zijn hele korte leven, als alleenstaande, toegewijde vader die graag dingen beter had gedaan (wat we allemaal willen en waar we zolang onze kinderen nog in leven zijn gelukkig ook nog genoeg kansen toe krijgen) – verrek deze verhaalfiguren mag ik zowaar. En anders dan in het dichtgesmeerde liekevincentdeel, zorgen blanco plekken hier voor de nodige ademruimte. Blokker laat te raden over, maakt de lezer een lotgenoot van Erik. Op het einde zijn er nog altijd vragen, en dat maakt Eriks verdriet des te voelbaarder. En de sporen die je terugvoeren naar het vorige deel van de roman, kleine dingen, voorwerpen, een boek, een flits, iets waarover je eerder las, je zou er bijna overheen gelezen hebben, hoe geweldig is ook dat.

De kracht van haar schrijven toont Blokker ook in het laatste deel van IJsvogel. Max filmt alle dagen een moeder en dochter die komen spelen op het pleintje tegenover zijn woning. Hij doet dit stiekem, vanuit zijn huis, achter spiegelfolie. Hele videokassettes vol heeft hij al, bewaard en getiteld. Toch is Max geen perverseling, geen viezerd, geen engerd. Ook geen ziele sukkel. Er zou een tragies verhaal kunnen wonen diep binnenin hem, iets met zijn werk misschien, ook hier werpt Blokker de lezer niet meer dan splinters toe waarmee je dan maar je eigen verhaal over Max moet maken. Wel is duidelijk dat hij een gevoelvolle en warme man is, en hoe ze het doet weet ik niet maar Blokker weet het aannemelijk en invoelbaar te maken dat Max oprecht houdt van het meisje Ella en de moeder waarin een mens zomaar Lieke zou kunnen herkennen (waardoor er aan dat ranzige einde van het eerste deel een best moje wending komt). Goed, ook hier een pik en een afrukscene teveel naar mijn smaak (klaarblijkelijk denkt die Blokker dat mannen bij ieder opwinding zich meteen moeten afrukken, anders houden ze er iets aan over ofzo, en dat een maar vagelijk zichtbare vrouwenborst al genoeg is om hen in die staat te krijgen) maar er is schoonheid genoeg om dat maar voor lief te nemen. Dat je het ziet, de dochter en de moeder, dat je ze ziet, als door een filmlens, je ziet ze geluidloos praten, je ziet ze maar gedeeltelijk, je ziet dat je veel meer niet dan wel ziet, ja dat is schrijven, dat is literatuur. Dat is hoe Blokker klinkt als ze zichzelf niet overstemt.

Het ongezegde is soms veelzeggender dan het gezegde. Ja dat is ook een kliesjee. En dit ook: stilte is sexy. Het boek dicht doen, en nog zoveel niet weten. Daar hou ik van. En wie was nu eigenlijk die vent van in het begin, die wakker werd op dat strand? Er ligt hier nog een heel boek, ongeschreven.

Dat het mooi ging zijn vermoedde ik al, maar ik moest wel door iets heen om het ook echt te vinden. Ga ik mezelf dan voor de laatste keer maar weer eens van een kliesjee bedienen (eentje ontleent aan de beeldhouwkunst dan nog): de schoonheid zit reeds in het boek, je moet alleen de overbodige delen wegkappen. Wel. Als een eventuele volgende roman te lezen is zonder beitel in de hand, zul je van mij geen onvertogen woord meer horen Blokker!

Lotta Blokker IJsvogel

IJsvogel

  • Auteur: Lotta Blokker (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman, debuutroman
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 29 oktober 2024
  • Omvang: 192 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99 / € 12,99
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol 

Flaptekst van de eerste roman van Lotta Blokker

Lieke en Vincent draaien al jaren om elkaar heen. Lieke durft geen toenadering te zoeken omdat Vincent getrouwd is. Vincent zit vast in een liefdeloos huwelijk en worstelt met zijn ontluikende liefde voor Lieke en zijn wens om een trouwe echtgenoot te zijn.

Erik is een vader in diepe rouw. Hij wordt door een verhuizing gedwongen de kamer van zijn overleden zoon uit te ruimen en vindt in een van zijn leesboeken een foto van zijn favoriete schoolmeester. Het slingert hem terug in de tijd, waarbij hij telkens wordt geconfronteerd met zijn tekortkomingen als vader.

Max begluurt al jaren, vanachter zijn raam, een vrouw en haar dochtertje die dagelijks een bezoek brengen aan het pleintje voor zijn deur. Hij filmt het tweetal. Minutieus vangt hij iedere handeling die ze uitvoeren, met een bijzondere verzameling videocassettes als resultaat.

De levens in IJsvogel zijn op een unieke manier met elkaar vervlochten in deze verfijnde en diepzinnige roman.

Als Lotta Blokker (1980, Amsterdam ) tijdens een middelbareschoolexcursie in het Parijse Musee Rodin het werk van de Franse beeldhouwer Auguste Rodin ziet, voelt dat alsof haar bestemming wordt bepaald. Ze gaat aan de Florence Academy of Art beeldhouwen studeren. Sinds 2006 heeft ze een atelier waar ze figuratieve beelden ontwikkelt. Haar werk is regelmatig te zien in musea in binnen- en buitenland en is opgeno­men in internationale (museum)collecties. IJsvogel is haar eerste boek.

Bijpassende boeken en informatie

Margriet van der Linden – I’m speaking

Margriet van der Linden I’m speaking recensie en informatie over de inhoud van het boek over Kamala Harris. Op 8 oktober 2024 verschijnt bij Uitgeverij Querido I’m speaking, de stem van Kamala Harris, geschreven door Margriet van der Linden. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster en over de uitgave.

Margriet van der Linden I’m speaking recensie en informatie

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van i’m speakng, de stem van Kamala Harris, geschreven door Margriet van der Linden, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Margriet van der Linden I'm speaking

I’m speaking

De stem van Kamala Harris

  • Auteur: Margriet van der Linden (Nederland)
  • Soort boek: non-fictie
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 8 oktober 2024
  • Omvang: 96 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van het boek over Kamala Harris van Margriet van der Linden

Margriet van der Linden, die de Amerikaanse politiek en samenleving al bijna haar hele leven op de voet volgt, beschrijft de opkomst van Kamala Harris in een politiek landschap dat nog steeds worstelt met kwesties als gender en diversiteit. Harris belichaamt een nieuwe vorm van leiderschap die de hoop en aspiraties van velen vertegenwoordigt. Haar strijdkreet: ‘Fighting for the people’. De historische kandidatuur voor het presidentschap van Harris als Afro-Amerikaanse vrouw is niet alleen een mijlpaal in de Amerikaanse politiek, maar ook een wereldwijd symbool van vooruitgang voor vrouwen.

Van der Linden belicht niet alleen Harris’ leven en werk, maar ook de rol van vrouwen in de Amerikaanse politiek. Ze biedt een prikkelende blik op de uitdagingen en triomfen van Amerikaanse vrouwen die de hoogste machtsposities nastreven, en op het doorbreken van glazen plafonds in een ongelijkwaardige samenleving.

Margriet van der Linden (31 januari 1970, Nieuw-Lekkerland, Zuid-Holland ) is journalist, televisiemaker en schrijver. In 2009 presenteerde ze het programma Zomergasten, in 2024 nam ze eveneens een aflevering voor haar rekening, en van 2018 tot 2022 was ze presentator van haar eigen talkshow M. Ze maakte documentaireseries als How to Be GayHow to Be a Man en How to Be Young. Voor de presidentsverkiezingen van 2020 maakte ze een documentairetweeluik over de belangrijkste kiesgroep van dat moment. Begin 2024 was haar op Amerikaanse hatecrimes gebaseerde documentaireserie State of Hate op televisie te zien. Ze debuteerde in 2015 als schrijver met de veelgeprezen roman De liefde niet, en in 2016 verscheen Team Hillary. Een vrouw in het Witte Huis.

Bijpassende boeken

Leonieke Baerwaldt – Dagen als vreemde symptomen

Leonieke Baerwaldt Dagen als vreemde symptomen recensie en informatie over de inhoud van de tweede roman van de Nederlandse schrijfster. Op 26 september 2024 verschijnt bij uitgeverij Querido de nieuwe roman van Leonieke Baerwaldt. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster en over de uitgave.

Leonieke Baerwaldt Dagen als vreemde symptomen recensie van Tim Donker

Dat het begint bij III. Dat het eindigt met I en II. Dat het begin na het einde komt. Dat. En meer nog.

Deze mijmer: “Ze kiest voor de caleidoscopische benadering. Veelvlakkigheid, al zou je het ook fragmentarisch kunnen noemen. Uit elk fragment poetst ze zichzelf tevoorschijn.” Zichzelf, ja, en Mia. Het gaat over dit. Het gaat hierover. Je leest over wat je aan het lezen bent. Dat vind je mooi. Dat. Ook dat. En meer nog.

De hoofdpersoon is gekend onder de naam Sisyphus. Wie was ookalweer Sisyphus? Was hij dat met die steen? Gedurende twee studies had ik een module over Griekse mythen en sagen. Eerst de ene studie, maar dat was niet wat ik er in meende te zoeken en toen wisselde ik van studie, en toen ging het toch weer een heel semester lang over die Griekse mythen en sagen. En nog is er ontstellend weinig van blijven hangen. Ik was er ook slecht in. Haalde altijd al die namen door elkaar. Het boeide me te weinig om het echt mijn volle aandacht te geven, onthield alleen de grote lijnen. En de grote lijnen waren altijd dat er een sterveling was die de goden vertoornd had. Vaak was er van verre of nabij een koning bij betrokken. Doorgaans had het iets met hoogmoed te maken. Of het lot, je lot, dat niet te ontkomen is. Wat het spreekt, wat het zegt dat de protagonist Sisyphus heten wil. Iets met ondraaglijke lasten misschien. Of was hij dat niet met die steen?

Of.

Neem het gekoer van duiven. Transponeer het naar morse. Dat kan een pagina zijn. Dat. Dat ook. En meer nog.

Of.

Alle dingen die hoop zijn. Een windvlaag. Een konkreet voornemen. Een leeglopende ballon. Een trage vierkwartsmaat. Een reflex. Een vangnet voor de ongelovige. Een zorgindicatie. Een vals gevoel van veiligheid. Een roestvrijstalen geluid. Een mantra. Iets wat alle ellende van mensen voortbrengt. Iets wat dope is. (hoop is een ding met veren).

Wel. Goed. Sisyphus dan. Hier is Sisyphus moeder geworden. Er is iets aan de hand met de baby. Er zijn meerdere dingen aan de hand met de baby. Vele onderzoeken later blijkt dat Mia, Sisyphus’ dochter, levenslang zorg nodig zal hebben. Meervoudig gehandicapt. Rolstoelafhankelijk. Noem het. Geef het een naam. Het betekent in ieder geval dat je als ouder altijd zal moeten blijven zorgen, een zorg zonder bestemming, een zorg die nooit zelfstandigheid als eindresultaat zal kennen. Misschien een vloek en tegelijkertijd misschien van welbepaalde schoonheid. De verzorger en de verzorgde staan in een complementaire relatie tot elkaar. Mijn kinderen zijn nu negen en elf, maar ik herinner me uit de tijd dat ze baby, dreumes, peuter, kleuter waren, en mij eerst bij alles en later bij heel erg veel nog nodig hadden, dat dat konkrete nodig zijn heel erg mooi was. Het aankleden, in bad doen, haren wassen, tanden poetsen, de hand vast houden, samen stappen zetten, leren fietsen, het bijna wiegende ritme van de dagen; hoe je hierbij, de ouder en het kind, bijna samenviel, hoe je samen een graad van intimiteit en vertrouwen bereikte die je met geen enkele volwassene in wat voor relatie dan ook ooit bereiken zal; hoe dat je dagen tot aan de rand vult en hoe dat langzaamaan weer leegloopt wanneer je bij minder, minder en minder, steeds minder een belangrijke rol hebt te spelen (of zelfs nog maar gewenst bent), en hoe je, of jij misschien niet maar ik wel, die kleuter-, peuter-, dreumes- en babydagen soms nog mist – ik was in elk geval nooit het soort vader dat het zorgen ooit moe werd, dat altijd maar riep “niet te kunnen wachten” tot ze zichzelf konden aankleden, ik zie de schoonheid in de zorgrol maar een veertienjarige moeten verschonen is allicht anders dan je baby een nieuwe luier omdoen. En de kinderwagen is niet de rolstoel. En de peuterspeelzaal niet het dagcentrum. Die tocht. Die dingen. De steen. Wat maakt dat je uiteindelijk moet verhuizen naar een drempelloos, gelijkvloers appartement in een deprimerende woontoren. Waar er nog andere dingen zijn. Andere dingen zijn de mensen. Die goedbedoelde maar schrijnende dingen zeggen. En Louis. Die ook tot de andere dingen behoort. Sisyphus’ man. Nogal een lul. Maar dat zijn de mensen die tot de andere dingen behoren wel vaker. De lul, dat zijn de andere dingen.

Dan daar dus. In de woontoren. Beter dan een huis zonder drempels gaat het niet meer worden. Het leven is een reeks verkeerde beslissingen.

Of. Bodemdrift. Daar stuit ik ineens op het woord bodemdrift. Zoiets kan mijn dag maken. Maandagochtend, een herfstzonnetje doorheen mijn raam, goede koffie, Mikaîl Aslan op de steerjoo en stuiten op het woord “bodemdrift”. Dan dus ook dat. En zoveel meer nog.

Het typografies wit. De leegte die ademt. De woorden als druppels. De druppels als water. Het water als overstromingen. “Regenzucht heeft ze,” staat daar (ja regenzucht ook al zoon woord), “behoefte aan overstromingen. Een koufront, onweer, clusterbuien. Dikke druppels die op stoffige stenen plenzen. Sneeuw, hagel, iets, iets, iets.//Kikkers voor mijn part, denkt Sisyphus. Of wat dan ook. Sprinkhanen, vissen. Ja! Laat het alsjeblieft vissen regenen. Flappende staarten, ontelbare ogen die hun glans verliezen. //Ze fantaseert over een straat die glinstert van gebroken schubben.”, en dan ben ik stil, dan ben ik prachtgeslagen stil, en dan komt even later ook nog de rode kruiwagen van William Carlos Williams voorbij!, (hoorden daar geen witte kippen bij? het was geloof ik niet gisteren dat ik dat gedicht nog las), en bij alles is Mia, niemand gaat verloren.

In een volgend deel is er misschien niemand meer. Behalve Dee, de huismeester en hospita van de deprimerende woontoren met het drempelloze en gelijkvloerse appartement; – Dee, die daarnaast ook nog vriendin is, en waarzegster of zigeunerheks of magiër of circe of priesteres of de mooiste engel die je ooit zag. Met haar heeft Sisyphus in eerste instantie alleen maar gesprekken, fantastiese gesprekken, de allermooiste gesprekken die je nooit voerde: “Er zijn altijd nieuwe idioten, zegt Sisyphus. Ha! Zo is het, zegt de hospita. Om te laten zien dat de oude idioten minder idioot waren dan je dacht. Onophoudelijke verplaatsing van de lat der idioterie, dat is wat de wereld naar de ondergang helpt. Ze zijn met zoveel ook. Vroeger was het al dringen, maar nu zit het hier echt tjokvol.”; hoe verder ik in deze roman kom hoe beter ik hem vind.

Daarna. Weeral een volgend deel, of is het het daarop volgende? Met Dee op een surrealistiese voettocht door de zeven sirkels van de hel, of is het toch de Hades? Was Sisyphus dan diegene die doolde door de Hades, die van dat omkijken, hoe zat dat ookalweer, ik herinner me op restaurant zijn met een vrouw, toen ik een jaar of vijfentwintig was en bezig met mijn nooit eindige afstudeerproject, in een of andere verre verte had zij iets met dat afstudeerproject te maken, maar ik weet niet meer wat, of wie ze was, alleen maar dat we op restaurant waren en de hele maaltijd lang bezig waren om manieren te bedenken hoe je uit de Hades naar de bovenwereld terug kon lopen en je je er heeldurtijd van kon vergewissen dat je lief nog achter je liep zonder één keer om te hoeven kijken, wat een geweldige avond was dat, we wisten niet dat er zoveel manier waren om zonder te kijken te weten wat er achter je gaande was, wie was die vrouw toch en waar is zij gebleven?

Dus ook: wat het wakker roept. Maar ook: zoveel, zo ontzettend veel meer nog.

De herinneringen aan een vakantie met Mia die er geen was, aan geluk dat nooit bestaan heeft – een vluchtig idee dat geluk verzinbaarder is dan ongeluk, en dan, wat je 222 bladzijden lang ziet aankomen en dan toch weer net even anders blijkt te zitten dan je vermoedde, zoals altijd alles net even anders blijkt te zitten dan je vermoedde, zoals de dingen steeds minimaal een sentimeter anders gaan dan je dacht dat ze zouden gaan.

Dat. En al het andere nog.

Dagen als vreemde symptomen is een ongrijpbare, poëtiese, filosofiese, ontroerende en magiese schittering van een roman. Andermaal flikt Leonie Baerwaldt het om af te komen met een boek dat me ontredderd, verbijsterd en naar adem snakkend achterlaat.

Dus dat. En zo eindeloos veel meer nog.

Leonieke Baerwaldt Dagen als vreemde symptomen

Dagen als vreemde symptomen

  • Auteur: Leonieke Baerwaldt (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 26 september 2024
  • Omvang: 224 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe roman van Leonieke Baerwaldt

Op 26 september verschijnt de nieuwe roman van Leonieke Baerwaldt, een onthutsende, filosofische en ontroerende roman van de auteur van Hier komen wij vandaan.

Sisyphus doolt door de hel met een lege rolstoel en weet niet precies wat ze daar te zoeken heeft, behalve dat ze haar dochter, die meervoudig beperkt is, moet ophalen uit het dagcentrum. Een missie die telkens mislukt, waarna ze teleurgesteld terugkeert naar de aftandse benedenwoning van haar zonderlinge appartementencomplex. Wanneer haar hospita schijnbaar uit het niets na een eeuwigheid een praatje met haar aanknoopt, begint ze zich plotseling dingen te herinneren.

Dagen als vreemde symptomenis een gevecht tegen de verveling, een zoektocht naar de grenzen van het moederschap, van hoop en radeloosheid, van leven en dood. Deze roman is een ode aan het absurde.

Leonieke Baerwaldt (1985) studeerde filosofie en literatuurwetenschap. Korte verhalen van haar verschenen onder meer op Hard//hoofd en Papieren Helden en in Kluger HansDe Gids en De Revisor. In 2021 verscheen haar zeer lovend besproken roman Hier komen wij vandaan, die de longlists van de Libris Literatuur Prijs, de Boekenbon Literatuurprijs en de Hebban Debuutprijs haalde.

Leonieke Baerwaldt Hier komen wij vandaan RecensieLeonieke Baerwaldt (Nederland) – Hier komen wij vandaan
Nederlandse debuutroman
Recensie van Tim Donker
In haar debuutroman verenigt Leonieke Baerwaldt het onverenigbare tot iets geloofwaardigs…lees verder >

Bijpassende boeken

Helle Helle – Hafni zegt

Helle Helle Hafni zegt recensie en informatie over de nieuwe roman van de Deense schrijfster. Op 15 oktober 2024 verschijnt bij Uitgeverij Querido de Nederlandse vertaling van de roman Hafni fortæller van de uit Denemarken afkomstige schrijfster Helle Helle. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de schrijfster, de vertaler en over de uitgave.

Helle Helle Hafni zegt recensie en informatie

  • “Het is gemakkelijk om verliefd te worden op Hafni – zelfs met al haar obsessief-compulsieve neigingen. Helle Helle heeft ons een persoon gegeven die zich in alle richtingen verspreidt, zoals de meesten van ons doen.” (Dagbladet, ∗∗∗∗∗∗)
  • “Hafni’s verhaal maakt je zowel aan het lachen als aan het huilen. […] Ik benijd iedereen die op het punt staat deze roman te lezen.” (Politiken, ♥♥♥♥♥♥)

Helle Helle Hafni zegt

Hafni zegt

  • Auteur: Helle Helle (Denemarken)
  • Soort boek: Deense roman
  • Origineel: Hafni fortæller (2023)
  • Nederlandse vertaling: Kor de Vries
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 15 oktober 2024
  • Omvang: 192 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe roman van de Deense schrijfster Helle Helle

Hafni zegt dat ze gaat scheiden. Ze belt de verteller van de roman, maar alleen zij voert het woord. Ze viert de scheiding met een ‘smørrebrødtournee’, zoals ze het noemt – van Roskilde via Ringsted naar Korsør, dan de Grote Beltbrug over naar Zuid-Funen, en ten slotte met de veerboot Bøjden-Fynshav naar Gråsten, waar ze de beroemde Zuid-Jutlandse afternoontea wil meemaken. De tournee zou eigenlijk een week duren, maar inmiddels duurt hij bijna een maand. Hafni belt om te praten over wat er onderweg allemaal is misgegaan. Ze zegt: Ik wil mezelf niet zijn. Ik wil mezelf veranderen.

Hafni zegt is een roman over de wil om te leven, vervreemding, vrijheid, schuld en schaamte, en over de zware druk van verwachtingen. Oftewel: het is een roman over het bestaan.

Helle Helle (14 december 1965. Nakskov, Denemarken) is een van de origineelste schrijvers van Scandinavië. Haar roman De veerboot (2005) werd bekroond met de Deense Criticiprijs voor Literatuur. Sindsdien heeft ze de hoogste literaire onderscheidingen ontvangen, waaronder de Per Olov Enquistprijs, de Gouden Lauwerkrans van de Deense Boekverkopersvereniging, de Grote Prijs van de Deense Academie en de Holberg-medaille. Ze werd tweemaal eerder genomineerd voor de Literatuurprijs van de Noordse Raad. Haar boeken zijn vertaald in 22 talen. Helle Helle is trouwens het pseudoniem van Helle Hansen.

Bijpassende boeken en informatie

Sophia Blyden – Dobberen

Sophia Blyden Dobberen recensie en informatie debuut en boek met gedichten. Op 12 september 2024 verschijnt bij Uitgeverij Querido de eerste bundel van van de Nederlandse dichteres en programmamaker Sophia Blyden. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster en over de uitgave.

Sophia Blyden Dobberen recensie en informatie

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Dobberen, het literaire debuut van Sophia Blyden, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Sophia Blyden Dobberen

Dobberen

  • Auteur: Sophia Blyden (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 12 september 2024
  • Omvang: 64 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de eerste bundel met gedichten van Sophia Blyden

er zit een kikker in mijn buik
hij woelt en woedt en voedt mijn hoofd
met gedachten
als gen z voorbijloopt ben ik jaloers op hun schoenen
het gras is altijd groener
in de moestuin van de jonge generatie

Tussen realiteit en fantasie, mens en dier, man en vrouw, drijft een kikker op het water. Met zijn kop boven het oppervlak en het lijfje eronder belichaamt hij de ‘tussenruimte’ waarbinnen een jonge vrouw zich beweegt.

In Dobberen schijnt Sophia Blyden licht op het gebied tussen meisje en moeder in. Hoeveel controle heb je over je lichaam, grenzen en toekomst? Als we allemaal zowel daders als slachtoffers zijn, kunnen we alleen de vinger naar onszelf wijzen.

Bijpassende boeken en informatie

Tomas Lieske – Wij van de Ripetta

Tomas Lieske Wij van de Ripetta recensie en informatie over de nieuwe roman van de Nederlandse schrijver. Op 29 oktober 2024 verschijnt bij Uitgeverij Querido de nieuwe roman van de uit Nederland afkomstige schrijver Tomas Lieske. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijver en over de uitgave.

Tomas Lieske Wij van de Ripetta recensie en informatie

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Wij van de Ripetta, de nieuwe roman van Tomas Lieske, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Tomas Lieske Wij van de Ripetta

Wij van de Ripetta

  • Auteur: Tomas Lieske (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt; 29 oktober 2024
  • Omvang: 224 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe roman van Tomas Lieske

Rome, 1600. In een wijnhuis waar de schilder Caravaggio en zijn hulp Cecco vaak komen, zitten mannen te kletsen en te drinken. Dan komt een zekere Will uit Stratford, Engeland, binnen. De mannen hebben eerst geen zin in de vreemdeling, maar al snel oefent hij een grote aantrekkingskracht op hen uit. En Lena, Caravaggio’s favoriete model, wordt dodelijk verliefd op hem. Will is tot wonderlijke dingen in staat: bijvoorbeeld op een paard springen en erop rijden, terwijl het er helemaal niet is. Wanneer hij na een paar weken vertrekt, laat hij de achterblijvers in diepe rouw en ontgoocheling achter.

Op betoverende wijze wekt Tomas Lieske zowel de schilderijen van Caravaggio als de dagelijkse werkelijkheid van toen tot leven, in een verleidelijk verhaal over een onwaarschijnlijke maar niet onmogelijke ontmoeting.

Tomas Lieske is geboren 8 juni 1943 in Den Haag schrijft proza en poëzie. Hij ontving voor beide genres belangrijke prijzen, zoals de Libris Literatuur Prijs en de VSB Poëzieprijs. Niets dat hier hemelt (2023) werd bekroond met de F. Bordewijk-prijs. Zijn oeuvre getuigt van stilistische brille, en in elk boek combineert hij gedurfdheid met ontroering, en geschiedenis met het heden. Zijn werk is in verschillende talen vertaald.

Bijpassende boeken en informatie

Joke van Leeuwen – Alle tijden zijn onzeker

Joke van Leeuwen Alle tijden zijn onzeker recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe roman van de Nederlandse schrijfster. Op 3 september 2024 verschijnt bij uitgeverij Querido de historische roman over Parijs in de 18e eeuw, geschreven door Joke van Leeuwen. Hier lees je uitgebreide informatie over de inhoud van de roman, de schrijfster en over de uitgave.

Joke van Leeuwen Alle tijden zijn onzeker recensie

Als er een boekbespreking of recensie van de roman Alle tijden zijn onzeker, geschreven door Joke van Leeuwen in de media verschijnt besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Joke van Leeuwen Alle tijden zijn onzeker

Alle tijden zijn onzeker

  • Auteur: Joke van Leeuwen (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse historische roman
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 3 september 2024
  • Omvang: 288 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 23,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe roman van Joke van Leeuwen

Parijs, 1783: het jaar waarin de mens voor het eerst loskomt van de aarde, in een luchtballon, en waarin de grote verschillen tussen rijk en arm tot onrust leiden. Wetenschappelijke vernieuwingen, zoals de voorloper van het vaccineren, maken de een enthousiast, terwijl de ander steun zoekt in troostende schijnzekerheden. Net als nu waren het toen onzekere tijden.

In dat decor zoeken de nuchtere Marie en de speelse Vince als jong stel hun weg, en bestrijdt de eenzame Pierre wat hij als het kwaad ziet: de buitenlandse koningin die zich niet tegen de beschimpingen kan verweren. Er hangt spanning in de lucht, maar niemand weet dan nog waartoe die zal leiden.

In haar grandioze nieuwe historische roman neemt Joke van Leeuwen ons mee naar een tijd die de onze spiegelt.

Bijpassende boeken

Laura Broeckhuysen – Magnetisch middernacht

Laura Broeckhuysen Magnetisch middernacht recensie en informatie over de inhoud van de Nederlandse IJslandse roman. Op 1 oktober 2024 verschijnt bij uitgeverij Querido de nieuwe roman van Laura Broeckhuysen.

Laura Broeckhuysen Magnetisch middernacht recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van de roman Magnetisch middernacht.  Het boek is geschreven door Laura Broeckhuysen. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de nieuwe roman van de op IJsland woonachtige Nederlandse auteur Laura Broeckhuysen.

Laura Broeckhuysen Magnetisch middernacht recensie

Magnetisch middernacht

  • Auteur: Laura Broeckhuysen (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse IJsland roman
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 1 oktober 2024
  • Omvang: 192 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de IJsland roman van Laura Broeckhuysen

Nog lang na de lawine blijft Loki’s moeder hun buurmeisje Iðunn zien. Iðunns huis is met bewoners en al in zee geschoven, haar naam staat op de gedenksteen. Als Loki’s moeder blijft geloven dat Iðunn nog leeft, haar blijft zoeken en niet opgeeft, wordt zij door haar man naar een psychiatrische kliniek gebracht.

De androgyne Loki krijgt een nieuwe moeder; samen met haar dochter Pippa vormen ze een nieuw gezin. Tot de kinderen op een dag een meisje zien, op de helling, even beige als het gras, met haren als takken en de oogopslag van een dier.

Zoals IJslandse familiegeschiedenissen verstrengeld zijn met mythen en sagen, zo fungeert de Edda in deze roman als een magnetisch veld, waarmee niet alleen het verhaal maar ook de taal aan zwaartekracht wint.

Laura Broekhuysen (23 april 1983) is schrijver en violist, en studeerde viool aan het Conservatorium van Amsterdam. Over haar emigratie naar IJsland schreef zij de veelgeprezen boeken Winter-IJsland en Flessenpost uit Reykjavik. Haar proza werd genomineerd voor de Confituur Boekhandelsprijs en de Bob den Uyl Prijs. Wij capabelen, haar poëziedebuut, staat op de shortlist van de C. Buddingh’-prijs.

Bijpassende boeken en informatie

Gamal Fouad – Oefeningen in nederigheid

Gamal Fouad Oefeningen in nederigheid recensie en informatie over de inhoud van de memoir over discriminatie in Nederland. Op 29 augustus 2024 verschijnt bij Uitgeverij Querido het boek met de eigen migratie- en familiegeschiedenis en jeugdherinneringen van schrijver Gamal Fouad. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Gamal Fouad Oefeningen in nederigheid recensie en informatie

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Oefeningen in nederigheid, het nieuwste boek van schrijver Gamal Fouad, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Gamal Fouad Oefeningen in nederigheid

Oefeningen in nederigheid

  • Auteur: Gamal Fouad (Nederland)
  • Soort boek: literaire non-fictie
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 29 augustus 2024
  • Omvang: 216 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed)
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van het nieuwe boek van Foaud Gamal

Niet eerder speelden voor Gamal Fouad, zoon van een Egyptische vader en een Nederlandse moeder, zijn naam en huidskleur een rol van betekenis. Hij groeide op in twee landen, in een bicultureel gezin, hij was zwart én wit. Maar in Nederland is de segregatie er tegenwoordig bepaald niet minder op geworden. Dat merkt hij bij het kiezen van een school voor zijn kinderen: zijn ze wit of zwart, of juist beide? Dat ziet hij als zijn vrouw in het ziekenhuis halal eten krijgt, alleen vanwege hun achternaam! En dat valt hem op bij reacties op het feit dat zíjn grootouders in een jappenkamp hebben gezeten; alsof hij daar niet wit genoeg voor is.

Aanknopend bij zijn eigen migratie- en familiegeschiedenis en zijn jeugdherinneringen maakt Fouad de stand van zaken in onze huidige samenleving op. Het onderwerp is serieus, zijn toon licht en humoristisch.

Gamal Fouad is in 1976 geboren in Alexandrië, Egypte. Hij is schrijver en maakt als beeldend kunstenaar deel uit van het duo Felix & Mumford. Hij publiceerde in De Gids en Hollands Maandblad en debuteerde met de roman Oneindig eiland. Voor zijn verhaal ‘Het achterland’ ontving hij de Nieuw Proza Prijs. Zijn verhalenbundel De voorhuidenverzamelaar stond op de shortlist van de J.M.A. Biesheuvelprijs.

Bijpassende boeken

Hinke Piersma – Vergeet de trieste dagen

Hinke Piersma Vergeet de trieste dagen recensie en informatie boek over de tweestrijd van een Nederlandse zionist. Op 27 augustus 2024 verschijnt bij uitgeverij Querido de biografie van de Nederlandse joodse zionist en jurist David Simons geschreven door de Nederlandse historicus en adjunct-directeur van het NIOD Vergeet de trieste dagen, . Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster en over de uitgave.

Hinke Piersma Vergeet de trieste dagen recensie en informatie

Mochten er in de media een recensie, boekbespreking of review verschijnen van Vergeet de trieste dagen, het nieuwe boek van schrijfster en historica Hinke Piersma, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Hinke Piersma Vergeet de trieste dagen

Vergeet de trieste dagen…

De tweestrijd van een Nederlandse zionist

  • Auteur: Hinke Piersma (Nederland)
  • Soort boek: biografie, geschiedenisboek
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 27 augustus 2024
  • Omvang: 336 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 29,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de biografie van David Simons geschreven door Hinke Piersma

De Joodse jurist David Simons (1904-1998) bewoog zich zijn hele leven ogenschijnlijk moeiteloos tussen twee werelden. Hij maakte al vóór de Tweede Wereldoorlog carrière in een niet-Joodse omgeving, daarbuiten zette hij zich, gedreven door zionistische idealen, in voor de Joodse gemeenschap. Met zijn gezin overleefde hij de Duitse bezetting onder bescherming van het departement van Binnenlandse Zaken.

Na de oorlog pakte hij zijn vooroorlogse leven weer op. ‘Vergeet de trieste dagen…’ schreef hij in maart 1945 aan zijn zuster in Engeland. In plaats van uren over de oorlogsjaren te praten was het beter om vooruit te kijken. Maar de verdrietige dagen van vervolging en verlies lieten zich niet wegwensen. Zijn echtgenote Ida, pianiste en schrijfster, leed eronder, en ook buiten de intimiteit van het eigen gezin was de oorlog nooit ver weg.

Hinke Piersma ging in dit boek de uitdaging aan om te schrijven over een man die weinig prijsgaf over zijn leven en zich zelden uit de tent liet lokken.

Hinke Piersma (1963) is hoofd van de afdeling Onderzoek en adjunct-directeur bij het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies. Ze studeerde geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde in 2005 op haar proefschrift De drie van Breda. Duitse oorlogsmisdadigers in Nederlandse gevangenschap 1945-1989. Ze publiceerde het indringende boek Zussen, het waargebeurde verhaal van een familie die tijdens de Tweede Wereldoorlog uiteenviel, en Op eigen gezag. Politieverzet in oorlogstijd.

Bijpassende boeken